Als de macht zijn oor te luisteren legt… (6) De ‘NeoCons’ en de Oorlog tegen de Terreur

21 maart a.s. zal de Nederlandse kiezer gevraagd worden zich in een raadgevend referendum uit te spreken over de Wet inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv), oftewel Sleepnetwet. Het Comité van Waakzaamheid bestrijdt dat deze wet, die onbeperkt afluisteren mogelijk maakt, nodig is voor de strijd tegen het terrorisme en andere bedreigingen. In een serie korte beschouwingen zal betoogd worden dat de werkelijke drijfveren heel andere zijn. Wie een weloverwogen NEE-stem in het referendum wil uitbrengen moet deze drijfveren kennen!

Het aftappen van alle communicatie en het doorgeven aan de NSA van wat er hier wordt Als de macht zijn oor te luisteren legt… (6) opgevist, wordt gemotiveerd met een beroep op de Oorlog tegen de Terreur. Ooit is dat idee gelanceerd door de Likoed-partij in Israël, in de hoop dat de Verenigde Staten het probleem om de Palestijnen eronder te houden, zouden willen inpassen in de nieuwe Koude Oorlog tegen de Sovjet-Unie. Door de uitgestoken hand van Gorbatsjov viel het project in duigen; na 9/11 kwam het terug. Vandaag de dag lijkt het alsof ook de oorspronkelijke combinatie, dus strijd tegen terrorisme èn tegen ‘Moskou’, weer terug is. Ook in Nederland. Met de nodige leugens van de ministers Plasterk (mocht blijven zitten, maar dan wel zó: zie hierboven) en Zijlstra (opgestapt) houden we ons land in het Amerikaanse gareel van wéér een Koude Oorlog.

Na 1973 werd het Midden-Oosten dankzij de toegenomen olie-inkomsten een belangrijke klant van de Amerikaanse wapenindustrie. Tegelijk lanceerde de ‘senator voor Boeing’, Henry Jackson, een campagne tegen de ontspanningspolitiek. Israël werd daarbij betrokken door van de USSR te eisen dat er alleen handelsvoordelen zouden worden verleend als dat land emigratie naar Israël zou toestaan. Zo werd de ontspanningspolitiek met een zionistische hypotheek belast. Omdat Israël in de oorlogen van 1967 en 1973 grote delen Arabisch grondgebied had bezet en daarnaast het kind van olierekening leek te worden, werd het meer afhankelijk van westerse steun. In die periode begon zich in de VS bovendien een belangrijke ideologische verschuiving onder de Joodse intelligentsia te voltrekken, van een links-liberale naar een ‘neoconservatieve’, pro-zionistische opstelling.

In 1977 kwam de rechtse Likoed in Israël aan de regering. Aangevoerd door voormalige zionistische terroristenleiders Menachem Begin en Yitzhak Shamir, de houwdegen Ariel Sharon, Benjamin Netanyahu en zijn vader Benzion, liet de partij het idee van een vergelijk met de Palestijnen los. Verzet was nu per definitie ‘terreur’ en in 1979 werd daar een internationale conferentie over georganiseerd in Jeruzalem, die geopend werd door premier Begin en voorgezeten door Benjamin Netanyahu. Daar werden voor het eerst de componenten van een Oorlog tegen de Terreur op de agenda geplaatst. Het terugdraaien van de democratie aan het thuisfront door massaal afluisteren en een politiek van de angst was een belangrijk onderdeel. Op de conferentie werd ‘Moskou’ als het centrum van het wereldterrorisme aangeduid, want alleen zo kon Israëls probleem met de Palestijnen ingepast worden in de Koude Oorlog.

Natuurlijk was dit idee een voorbeeld van wat we nu ‘ nepnieuws’ noemen. De media bleken echter bereid om hierin mee te gaan, net als Reagans minister van buitenlandse zaken Haig en diens opvolger Shultz. Zij onderschreven de theorie van Claire Sterling, een van de deelnemers aan de conferentie in Jeruzalem, in haar boek The Terror Network uit 1981 over ‘het terrorisme’ en de rol van Moskou. In 1982 beweerde Sterling in Reader’s Digest dat de aanslag door een Turkse fascist op de Poolse paus Johannes Paulus II vanuit Bulgarije door de KGB was georganiseerd als vergelding voor de rol van de kerk in de arbeidsonrust in Polen. Dit was het sein voor NBC-TV, de New York Times, Time, Newsweek, CBS News en andere toonaangevende media om steun te geven aan de nieuwe Koude Oorlog en de strijd tegen landen waar bevrijdingsbewegingen (‘terroristen’) de macht hadden veroverd, van Angola tot Nicaragua.

Naarmate de officiële nieuwsvoorziening echter overschakelt op verzinsels, neemt de bezorgdheid over vrije toegang tot alternatieve informatie toe, vooral wanneer er van het internet effectieve tegeninformatie en afwijkende standpunten kunnen worden gehaald. Zover was het toen nog niet, maar nu wel. Ook dat is een aspect van de Wiv.

De artikelen in deze reeks zijn een bewerking van een langer document getiteld Surveillance Capitalism and Crisis’ waarin ook verwijzingen naar het bronnenmateriaal zijn opgenomen.