Extreemrechts in Frankrijk verslagen door zijn verwekkers

(redactie)

De eerste ronde van de Franse presidentsverkiezingen op 23 april is gewonnen door de ‘jeune premier’ Emmanuel Macron, voormalig bankier bij Rothschild en korte tijd minister in de regering van Manuel Valls. Samen hebben Macron en Valls grote stappen gezet in de afbraak van de Franse sociale zekerheid, waarbij ze autoritaire machtsmiddelen (artikel 49-1, dat het mogelijk maakt per decreet te regeren) niet hebben geschuwd.

(foto: rellen in Parijs in de nacht van de verkiezingen)

Zelfs de eigen ‘socialistische’ partij was niet bereid deze onttakeling nog voor haar rekening te nemen. President Hollande, die de bui al zag hangen, heeft als eerste herkiesbare president in de Vijfde Republiek (in 1958 door De Gaulle gevestigd) ervan afgezien zich herkiesbaar te stellen. Dat was bij een waardering van rond de 2 procent geen slechte beslissing. En Benoît Hamon, kandidaat voor de PS, is met 6,8 procent afgeserveerd. Een resultaat dat overeenkomt met dat van de Nederlandse PvdA, die dezelfde neoliberale koers heeft gevaren.

Macron is nu de grote kanshebber om Marine Le Pen, de aanvoerster van het Front National, te verslaan in de tweede ronde op 7 mei. Immers, bijna alle kandidaten die de tweede ronde niet gehaald hebben, hebben zich gehaast om hun steun te betuigen aan Macron en tegen Le Pen: de door corruptie geplaagde kandidaat François Fillon van traditioneel rechts (gaullisten plus liberalen), de sociaal-democraat Hamon en nog een hele reeks personages afkomstig uit de rijen van deze twee gevestigde partijen, die beide voor het eerst al in de eerste ronde verslagen zijn.

Daarentegen heeft Jean-Luc Mélenchon, die met een authentiek sociaal en vredelievend programma (waaronder vertrek uit de NAVO) een verrassende 19 procent scoorde, zich op de vlakte gehouden. Mélenchon wees er slechts op dat iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid heeft in de tweede ronde. Ook enkele kleinere kandidaten hebben zich niet willen uitspreken.

Is dat omdat zij Marine Le Pen het voordeel van de twijfel geven? Allerminst. Het is omdat de keuze op 7 mei zal gaan tussen extreemrechts, dat de onvrede onder de bevolking over de neoliberale afbraak onder auspiciën van de EU heeft verbonden met onvrede over massa-immigratie, en het ‘nette’ neoliberalisme dat deze onvrede veroorzaakt.

Wie is Emmanuel Macron?

Net als bijna alle regeerders in Frankrijk is Macron afkomstig van de École Nationale d’Administration (ENA), de academie voor bestuurskunde.

Als stagiaire van de ENA komt hij in 2002 terecht bij de vorig jaar overleden onroerendgoedmagnaat Henry Hermand, animator en financier van neoliberaal links à la Tony Blair. Vervolgens wordt Macron in 2007 door een hoge, met EU-zaken belaste ambtenaar in contact gebracht met Jacques Attali, adviseur van de eerste socialistische president Mitterrand. Attali vertegenwoordigde de neoliberale stroming onder Mitterrand en benoemde Macron tot rapporteur van een commissie die de ‘belemmeringen voor de groei’ moest wegnemen.

De door Macron ondertekende oproep voor het terugdringen van de staatsinvloed en de sociale bescherming, voor privatisering en voor meer markt, hoeft dus niet te verbazen. Belangrijker is dat deze wordt gepresenteerd als staande ‘boven de partijen’, dus losgemaakt uit de tegenstelling tussen links en rechts. De markt zou er slechts toe dienen om de maatschappij bloot te stellen aan de ‘heilzame werking van de concurrentie’, waardoor privileges en bestaande rechten worden opgeschud en herschikt.

In 2008 wordt Macron bij Rothschild benoemd. In 2010 wordt hij door Attali voorgesteld aan Hollande en belast met het coördineren van het economische programma van deze toenmalige presidentskandidaat. Na de verkiezing van Hollande in 2012 wordt Macron secretaris van de president, belast met economie. In 2014 wordt hij dan minister van economische zaken, en zijn eerste maatregelen zijn het openstellen van winkels op zondag en het vergemakkelijken van nachtarbeid. Als hij in 2016 weer vertrekt en Valls ‘het werk’ voortzet, heeft hij in zeer korte tijd op zijn achtereenvolgende posities een groot netwerk van belangrijke contacten opgebouwd. Enerzijds in de wereld van de consultancy (Accenture), de beurs en de werkgeversorganisatie Medef, anderzijds in de rechtervleugel van de vakbeweging (CFDT).

Nu is Macron op weg naar het presidentschap, want iedereen wist dat wie in de tweede ronde tegenover Le Pen zou komen te staan, het Elysée binnen handbereik heeft. Deze extreemrechtse kandidate zal immers hoogstens 30 tot 35 procent scoren, maar niet meer. Daarvoor is de democratische traditie van Frankrijk te sterk.

Het drama van deze verkiezing is dat het land opnieuw voor vijf jaar veroordeeld is tot een afbraakpolitiek, onder auspiciën van de EU en Duitsland, waar Macron al op bezoek is geweest om de zegen van Angela Merkel te ontvangen. Al die jaren zal het leven van de gewone man en vrouw alsmaar zwaarder worden, terwijl de vrienden van Macron in de financiële wereld de buit blijven binnenhalen.