Verdeeldheid EU-critici versterkt EU-elite

Na het Britse EU-referendum hebben wij onder de kop ‘Kapitalisme, de Brexit en Europees rechts’ een analyse gepubliceerd van het naoorlogse Europa als kapitalistisch project (Nieuws, 26 juni). CvW-lid Dick Boer kan deze analyse goed volgen, meldt hij, maar plaatst graag ook enkele kanttekeningen.

Dick Boer

Het verzet tegen het ‘Europa’ van de meedogenloze vrijhandel groeit, jawel. Maar hier staat (helaas) geen overgrote meerderheid van ontevredenen tegenover een kleine elite: het zijn juist grote minderheden en vaak meerderheden die instemmen met de heersende politiek. Dat het verzet tegen de elite bij machte is de wet te verzetten, lijkt voorlopig niet aan de orde. Eerder lijkt er sprake te zijn van een polarisatie – extreemrechts tegen de rest – die door de elite wordt benut om extreemrechts in het verdomhoekje te plaatsen en vervolgens rechts in te halen. Een linkse politiek die op het snelle succes mikt, zal bedrogen uitkomen.

Wij vergissen ons als wij denken dat xenofobie en racisme alleen een kwestie zijn van manipulatie van bovenaf. Er bestaat geen onschuldig volk dat hiermee van buitenaf wordt geïndoctrineerd. Xenofobie en racisme liggen opgeslagen in het collectief onbewuste van onze cultuur, dat door de rechtspopulisten wordt aangesproken. Het valt ook niet uit te sluiten dat die echt geloven in wat zij propageren.

Het verzet tegen de heersende orde is vooral sterk onder mensen die het meest te lijden hebben onder het verdwijnen van de bestaanszekerheid. Zij zijn de verliezers en voelen zich ook verloren. Zij hebben geen besef van potentiële macht – heel het raderwerk staat stil als hun machtige arm het wil – maar worden gedreven door onmacht. In hun onmacht keren zij zich tegen de mensen die nog machtelozer zijn dan zij; mensen die zij vanuit hun xenofobie en racisme als ‘vreemd’ kunnen identificeren en stereotyperen.

Behalve het nationalisme, dat vooral de zo-even genoemde verliezers aantrekt, is er nog een andere ideologie (framing) die met succes de mensen verdeelt en zo heerst: het zogenaamde generatieconflict. Jonge mensen die geen herinnering hebben aan de verworvenheid van de ‘verzorgingsstaat’, worden in hun onbegrip opgezet tegen ouderen die tegen de afbraak van die verworvenheid in verzet gaan. Zij voelen zich te zelfstandig voor de in hun ogen ouderwetse, collectieve belangenstrijd: zonder personeel, maar ook zonder organisatie.

In dit krachtenveld opereert de linkse politiek. Wil die helder krijgen wat er speelt, dan moet zij in een analyse van de krachtsverhoudingen ook de genoemde factoren betrekken. Maar of de linkse politiek door die helderheid meer succes zal boeken dan tot nu toe – zie de peilingen – blijft de vraag. Het verhindert in elk geval dat wij ons al te veel illusies maken. Het leert uithoudingsvermogen.