Grenzen aan de vluchtelingenstroom

Met de vluchtelingenstroom richting Europa tekent zich een crisis af die grote gevolgen dreigt te krijgen. Wordt hier de rekening voor de interventies en oorlogen in het Midden Oosten en Noord-Afrika gepresenteerd? Is dit de opstap naar een ruk naar extreem-rechts in Europa? Is het verzet daartegen voldoende  toegerust met argumenten die op brede steun kunnen rekenen?
Dat zijn de vragen die we ter discussie stellen. Na de eerdere tekst van Dick Boer hieronder de stellingname van Hans van Zon.

Hans van Zon

Sinds het eind van de jaren zestig is grenzen stellen binnen links geassocieerd met rechts. Met de nieuwe vluchtelingenstroom wordt de discussie voor wat betreft de landsgrenzen op scherp gesteld. Hier wordt betoogd dat openheid zonder grenzen destructief is.

Paul Scheffer heeft het in de NRC (24 oktober) aangedurfd om, onder andere, te pleiten voor een versterking van de EU-buitengrenzen. Thomas Spijkerboer antwoordde in de Volkskrant (30 oktober) met te stellen dat onder migratiedeskundigen een consensus bestaat over het feit dat de laatste 15 jaar scherpere EU-grensbewaking volstrekt ineffectief was en mensensmokkelaars in de hand gewerkt heeft. Deze ‘wetenschappelijke consensus’ ziet blijkbaar over het hoofd dat Spanje de instroom van vluchtelingen heeft weten in te dammen van bijna 40.000 in 2007 tot minder dan 5000 per jaar sinds 2010, middels een reeks verdragen met Afrikaanse kuststaten (The Economist, 17 oktober). Ter vergelijking: alleen in oktober van dit jaar zijn 218.000 migranten de Middellandse Zee overgestoken.

Voor velen ter linkerzijde is het openstellen van grenzen voor vluchtelingen ‘links’, grensbewaking ‘rechts’ en hekken plaatsen ‘extreem rechts’. Maar heeft het controleren van wat en wie de grens overgaat niet te maken met soevereiniteit? Dat wordt binnen liberaal links, dat ook een aanzienlijk deel van de Partij van de Arbeid en GroenLinks omvat, algemeen gezien als achterhaald door mondialisering en EU-integratie. Maar open grenzen ondermijnen ook het sociaal contract dat territoriaal begrensd is. De welvaartsstaat is immers in de context van een nationaal kapitalisme tot ontwikkeling gekomen. Dit nationaal kapitalisme bestaat nog steeds, ook al is het de laatste decennia, vooral als gevolg van het vrije kapitaalsverkeer, aan het afkalven.

Sociale cohesie

De opvatting van velen ter linkerzijde dat massa-immigratie geen effect heeft op de levenswijze van de ontvangende gemeenschap lijkt ongefundeerd. Als in het dorp Oranje een grootschaliger opvangcentrum voor asielzoekers komt dan aangekondigd, ervaren de bewoners dat terecht als een bedreiging van hun levenswijze.

Liberaal links bagatelliseert de gevolgen van massa-immigratie voor de samenleving. Dit hangt samen met de vooroorlogse ervaringen waarbij vluchtelingen vaak ten onrechte de toegang werd ontzegd. Liberaal links veronachtzaamt ook het belang van sociale cohesie, vanuit een individualistische kijk op de samenleving.

Liberaal links is niet alleen individualistischer geworden maar ook kosmopolitischer. Met een nieuw universalisme zijn mondiale loyaliteiten belangrijker geworden dan loyaliteiten op lokaal en nationaal niveau. Maar leven we niet in een hiërarchie van loyaliteiten waarbij gezin en familie op de eerste plaats komen en het mondiale eerst na het nationale? Dit sluit internationale solidariteit en verantwoordelijkheid voor de wereld als geheel helemaal niet uit. Deze kunnen zelfs sterker worden met een grotere samenhang en solidariteit op nationaal niveau.

David Goodhart heeft er in The British Dream (2013) op gewezen dat de opkomst van de welvaartsstaat een sterkere afgrenzing naar buiten nodig heeft gemaakt. Maar dit wordt de laatste decennia  juist weer ondergraven. Het probleem deed zich duidelijk voor bij de discussie over de ‘Poolse loodgieter’. Het ging zo’n tien jaar geleden over nieuwe EU-wetgeving (de Bolkestein-richtlijn) die het ondernemingen van het ene EU-land mogelijk maakte in andere EU-landen te werken onder de condities van het thuisland, niet het gastland. Dit maakte sociale dumping mogelijk. Liberaal links verklaarde zich solidair met de Poolse loodgieter, maar niet met de Nederlandse bouwvakkers die duurder waren omdat zij mede met hun belastingafdracht een duurdere welvaartsstaat moesten financieren.

Deze discussie liet ook zien hoe links liberaal en neoliberaal bij elkaar komen. Vaak wordt gezegd dat links de cultuurstrijd van de afgelopen decennia heeft gewonnen terwijl rechts de strijd op sociaal-economisch vlak heeft gewonnen. Het is maar de vraag wat ‘links’ hier betekent. Ook is een aanzienlijk deel van de bevolking, met name het minder geschoolde deel, niet meegegaan met de ideologische verschuivingen van de afgelopen decennia. Dit deel voelt zich niet meer politiek vertegenwoordigd. Dit heeft geleid tot de opkomst van rechtspopulistische partijen die de liberale consensus ter discussie stellen.

Natiestaat

Liberaal links bekent zich ook tot een individualisme dat cultuur als louter een individuele keuze ziet. Maar staan we niet op de schouders van onze voorouders, ook als we denken dat we met hen gebroken hebben? Zij gaven ons hun (voor)oordelen mee op basis waarvan wij onze (voor)oordelen vormen. Dat betekent natuurlijk niet dat culturen niet samen zouden kunnen gaan. Maar hebben we geen leidende cultuur nodig? Algemeen is door liberaal links ook de definitie van Benedict Anderson van de natiestaat als een ingebeelde gemeenschap geaccepteerd en geïnterpreteerd als iets oppervlakkigs. Maar die natiestaat deelt niet alleen ervaringen met het koningshuis en het nationale voetbalteam, maar ook diepgewortelde sociale praktijken, de taal als een archief van nationale ervaringen en zoiets banaals als humor. Gehechtheid aan de omgeving waar je opgegroeid bent hoeft niet reactionair te zijn.

Een veld dat door ‘links’ is opengelaten dreigt nu in Europa gemonopoliseerd te worden door extreem rechts, dat de strijd voor nationale soevereiniteit centraal stelt. Dit gebeurt in de context van vreemdelingenhaat, antidemocratisch gedachtegoed en chauvinistisch en etnocentrisch nationalisme. Openheid zonder grenzen is destructief. De grenzeloze solidariteit van liberaal links is niet vol te houden.

Kan een humaan asielbeleid verwezenlijkt worden? Dat kan, mits dat gebeurt binnen het kader van een adequate controle van de buitengrenzen en een selectie vóór het passeren van de grens.